Muziek                     Eén stukje muziek zegt vaak meer dan duizend woorden

In de jaren ’70, tot begin jaren ’80, speelde ik boogie woogie en jazz uitsluitend op gevoel en wist in veel gevallen niet wat ik nou exact deed.
Tijdens mijn jazzopleiding aan het Sweelinck Conservatorium is daar drastisch verandering in gekomen. Wat heb ik daar veel geleerd !
Nog altijd is gevoel hoofdzaak en blijft prioriteit nummer één ( naar ik hoop bij jullie ook ),
maar ik ben wel blij intussen heel wat meer te weten over akkoorden, de juiste
akkoordverbindingen (‘harmonieleer’), timing en toucher.
Ook voor het schrijven van partijen en arrangementen heb ik aan deze opleiding veel te danken.

 


Voor de pianisten: 

Verderop op deze pagina vind je een stukje recent door mij geschreven 
boogie woogie bladmuziek.

 

Deze week ( of daarvoor )

kopie tekstfragment uit pagina Actueel

 27 mei 2014


Zie ook onder " Optredens" op pagina " Actueel"

Gespeeld in o.a. Het Oude Spoorhuis in Uithoorn. Leuke locatie. Leuk publiek. Doen we nog een keer. Verder wat kleine privé-optredens gedaan, ook leuk, maar ik wil toch best weer een seizoen het theater in. In september gaan we dus weer 'groot', ik laat je het tijdig weten, waar een wanneer. En o ja, in oktober gaan we op tournee in Duitsland.
 

Zie voor info over mijn muzikaal-cabareteske programma, getiteld  
I m p r o v v i s a t a,
  pagina " Formaties en Boekingen". 



 Promotiefoto's ter download                  
                    (Klik op foto voor ware grootte en hoge resolutie)

     
 

   


De Droom

 

Als je het leuk vindt, hier een paar muzikale fragmenten.
De fragmenten zijn opgeslagen als 64 kilobits stereo MP3 en duren allemaal circa 1 minuut. Mocht het met de linker muisknop niet lukken, dan kun je deze fragmenten het beste aanklikken met de rechtermuisknop en dan kiezen voor "Doel opslaan als..." Je kunt ze dan op een willekeurige plek op de harde schijf opslaan en daarna beluisteren.

Klik hier om een fragment van "Lizzy's Tune" te downloaden... “Lizzy’s Tune“ (mijn allereerste opgenomen eigen compositie).
Jaap Dekker Boogie Set, 1971.
Ook op CD “ JD 25 Jaar Boogies en Romantiek”   EMI 8 5351723
   
Klik hier om een fragment van "Look a here" te downloaden... “Look a here“
Jaap Dekker Jazz & Boogie Set
Live in Sunday- jazzcafé Abina, Amstelveen, 1997. Tweesporen-DAT-opname. 
   
Klik hier om een fragment van "Een stille Liefde" te downloaden... “Een Stille Liefde”
Filmmuziek, één van mijn allereerste soundtrack-composities.
Dubbelrol: eerst piano, daarna accordeon gespeeld. Later het grote orkest
erbij, dat ik zelf mocht dirigeren. Ook herverschenen op EMI 8 5351723
   
Klik hier om een fragment van "Honky Tonk Train Blues" te downloaden... “Honky Tonk Train Blues“
Met de Grand Piano Boogie Train
CD “ The Boogie Never Stops”, 2001.   label:  Romeo Records   F 8128  *)
   
Klik hier om een fragment van "Blueberry Hill" te downloaden... “Blueberry Hill“
Jaap Dekker Jazz & Boogie Set
Live in Sunday- jazzcafé Abina, Amstelveen, 1997. Tweesporen-DAT-opname. 
   
Klik hier om een fragment van "Root Beer Rag" te downloaden... “Root Beer Rag“
Met de Grand Piano Boogie Train
CD  "Groovin' The Boogie",  2003.        label: Romeo Records   F 9701 *)

            *) Romeo Records is mijn eigen platenlabel, zie eerder op deze pagina.

 

Muziek 

Al zolang ik me kan herinneren draait bij mij zo’n beetje alles om muziek.
Mijn vader was trompettist in een Leger des Heils brassband. Een orkest met een schitterende, volle sound. Ik kon daar uren ademloos naar luisteren.
Thuis stond een harmonium waarop ik vanaf mijn vijfde psalmverzen leerde spelen.
Voor mijn zesde verjaardag kreeg ik van mijn grootvader mijn eerste mondharmonica,
op mijn zevende van mijn vader een xylofoon, op mijn achtste van een oom een nog grotere mondharmonica en ook in dat jaar van mijn vader mijn eerste accordeon.
Bijna vijf jaar had ik accordeonles van Dick Kars in Apeldoorn en studeerde dagelijks één, twee tot soms wel vijf uren.

Op de middelbare school in Arnhem, op een stoffig instrument in de recreatiezaal, leerde ik geleidelijk aan ook een beetje pianospelen.
Daarna kocht ik met geleend geld een electronisch orgeltje en belandde daarmee in een aantal popgoepen. De eerste heette Les Copains, de laatste Long Tall Ernie & the Shakers.

Tijdens mijn militaire diensttijd ( ’68 – ‘69), ook in Arnhem, zat ik elke dag te oefenen op de piano in de onderofficiersmess. Na mijn afzwaaien bleef ik in Arnhem wonen, waar ik intussen M.O. Frans was gaan studeren.

Begin 1971 kocht ik voor f 75.- een vijftig jaar oude piano, huurde een bakfiets
en duwde het gevaarte in een sneeuwstorm vijfhonderd meter tegen de helling op,
de straat in waar ik op kamers woonde. Dat tochtje duurde de hele middag.
Met hulp van wat buurjongens het ding naar binnengesjouwd en me toen acht maanden lang opgesloten ter voorbereiding op het Loosdrechtse Jazzconcours dat ik per se wilde winnen.
Dat lukte ten dele. Ik werd eerste in de oude stijl , vierde in het totaalklassement.

Van vreugde reed ik op mijn fiets de Loosdrechtse Plassen in. Die fiets is nooit meer teruggevonden.
Geld voor een kaartje voor de slotavond, een concert van Stan Kenton, had ik niet.
Op de terugweg begaf mijn stokoude auto, die nog op drie cylinders reed, het definitief.
Onze bassist Henk Haverhoek heeft me naar huis gesleept en me een tientje geleend om het weekend door te komen. Stan Kenton heb ik bij de buren op TV gezien.
Om het geld voor de gehuurde geluidsapparatuur terug te verdienen, ben ik ‘s maandags daarna gaan stenen bikken bij een slopersbedrijf. Tijdens de werkzaamheden hoorde ik op de radio, in het programma van Michiel de Ruyter, voor het eerst een live-opname van mezelf op het Loosdrechtse Jazzconcours.

 

Pianostudie

Toen ik mezelf voor het eerst op de radio hoorde schrok ik zo van mijn - volgens mij -
belabberde niveau, dat ik me onmiddellijk aanmeldde bij een klassiek pianoleraar,
Eugène Rosegaarde Bisschop.
Ruim vier jaar heb ik onder hem gezwoegd en gezweet op toonladders en gebroken akkoorden
en kreeg maar hoogst zelden een mooi klankstuk te studeren. Streng dat die man was !
Uiteindelijk botsten we zo hevig, dat de laatste vier weken pianoles per briefwisseling ging.
Later zijn we weer vrienden geworden.

Na jarenlang alleen maar spelen met m’n band, dus wel veel 'praktijk' maar geen pianoles,
besloot ik toch maar de theoretische vooropleiding voor het conservatorium te gaan doen.
Dat moet ergens eind jaren ’70 zijn geweest. Ik ging op les bij mijn goede vriend, de
contrabas- en ook theoriedocent Henk Haverhoek. Hij heeft me in één jaar klaargestoomd.
Alhoewel we in leeftijd maar één dag schelen, is hij voor mij - tot de dag van vandaag –
mijn muzikale peetvader en vraagbaak. Die Haverhoek weet gewoon alles.

In plaats van nu eindelijk eens gelijk door te gaan naar het conservatorium ( iets dat ik op dat moment al zo’n slordige tien jaar van plan was) kreeg ik eerst nog een prachtige job bij de stichting ‘Het Schoolconcert‘ aangeboden.
Acht jaar lang gaf ik vervolgens in mijn overdagse uren met veel plezier schoolconcerten op middelbare scholen, soms wel twintig per maand.
Hoe ik het voor elkaar kreeg weet ik niet meer, maar ik liep tegelijkertijd ook nog colleges rechten in Nijmegen.Tijd voor pianostudie was er domweg even niet.

In 1987 ( ik was toen 40 jaar, jawel ) dacht ik opeens: en nu doe ik het.
Getroost door de gedachte dat Arthur Rubinstein ooit ook pas op z’n 43e naar het conservatorium ging, meldde ik me aan voor het toelatingsexamen. Best nog wel pittig, maar ik kwam erdoor.
Heb eerst een jaar ‘Hilversum’ gedaan, mijn hoofvakdocent daar was Henk Elkerbout. Een kanjer.
Vanaf het tweede jaar het ‘Sweelinck’ in Amsterdam. Wat heb ik daar genoten.
We hadden op die opleiding, behalve de jeugd, in totaal een stuk of vijf oudere jongens van in de veertig. Het was er vreselijk gezellig.
Ik moest wel hard studeren, mijn boogie woogie techniek gaf geen enkele voorsprong.
Mainstream jazz en theorie vond ik het boeiendst, maar klassiek was ook verplicht.
Op een tweestemmige Praeludium van Bach heb ik ooit 150 uur zitten zwoegen.
De beste leraar daar vond ik Dirk Keyzer. Hij gaf solfège, gehoortraining dus.
Letterlijk alles wist die man van akkoorden en ritmes. Ik heb zeer veel aan hem te danken.
Mijn pianodocent was Niko Langenhuysen. Afgestudeerd in zowel jazz als klassiek.
Een fenomeen. Soms als ik pianospeelde, pakte hij moeiteloos een contrabas om me te begeleiden.
Het laatste stage- en praktijkjaar heb ik niet meer gedaan. Ik was door m’n drukke werk steeds meer in tijdnood geraakt. Het was een moeilijke beslissing, maar eigenlijk was ik ook "klaar".
Een onderwijsbevoegdheid, de akte Pedagogiek, had ik immers eerder al gehaald bij m’n M.O. Frans.
En de rest van de ‘praktijk’ kon ook letterlijk verder worden gedaan ‘in de praktijk’.
Na alle theorievakken op eindexamenniveau en drie piano-examens te hebben gedaan
nam ik afscheid van een onvergetelijke periode. 
Later kreeg ik, tot mijn grote genoegen, alsnog een eindcertificaat van dit Amsterdamse conservatorium.
Volgens de internationale wetsgelijkstelling van 2003 mag ik mij nu dus "Bachelor" en "Ing."noemen.
Wel leuk, echter...ik zet het toch maar niet op mijn visitekaartje of briefpapier. 

Maar ik besef dat er nog oneindig veel te leren valt.
Tijdens jamsessions in de Amsterdamse jazzcafé’s zie ik soms pianisten met een akkoordenkennis waarvan ik steil achterover sla. Nee, het studeren houdt nooit op. Elke dag studeer ik wel wat, beetje klassiek, leesoefeningen, beetje jazzharmonieën of boogie woogie riffjes, maar ik zou best nog wel wat meer tijd voor studie willen overhouden.


Recordings

Mijn eerste platencontract heb ik volledig te danken aan de succesvolle deelname aan ‘Loosdrecht’ 1971.
Tot 1979 bleef ik onder contract bij EMI, waarmee ik nog steeds een goed contact heb.
Welgeteld één album maakte ik voor Polydor, “Happy Hammers”.
Qua boogie woogie misschien toch wel mijn beste tot dan toe.
Met Rob Hoeke en Rob Agerbeek richtte ik in 1995 het platenlabel Rodero Records op
en sinds 2000 heb ik mijn eigen label Romeo Records.
Met de Grand Piano Boogie Train maak ik gemiddeld elk jaar een CD.
Intussen verschijnt er af en toe bij EMI nog wel eens een re-release op CD van een oude elpee.


Bladmuziek

Zojuist vertelde ik al dat ik partijen, licks en riffs ( ‘loopjes’ ) alsook arrangementen dankzij mijn studie 
aan het Sweelinck Conservatorium zelf heb leren uitschrijven.
Ik doe dat gewoon met potlood en gummetje op muziekpapier, maar voer de noten vaak later nog eens in in het computerprogramma ‘Finale’. ( Zowel boogie woogies als bijvoorbeeld ook opdrachtmuziek en  romantische eigen composities.)
Heb intussen een hele serie ‘ boogie woogie licks’ op voorraad. Ik wil ze in boekwerk laten uitgeven.
Hier alvast op deze website zo'n boogie woogie partijtje. Print hem maar uit. En...veel succes ermee!


Bladmuziek 
   © Jaap Dekker
 
 

 


Lesgeven

Goed spelen of goed lesgeven zijn heel verschillende dingen.
Als ik zie hoe bijvoorbeeld pianodocent Johan Lemmen mijn zoon Dennis les geeft, met welk een inzicht, helderheid en geduld, dan besef ik elke keer weer opnieuw wat een apart vak dit is.
Zelf geef ik weinig les. Af en toe alleen aan een jazz- of boogie woogie getalenteerde, halfgevorderde of gevorderde pianoleerling, dus mensen die al elders zeg maar ‘gewoon’ les hebben, of hebben gehad.
In die gevallen kunnen mijn lessen in boogie woogie en jazzprincipes een welkome aanvulling zijn.
Maar meer tijd dan voor maximaal één of twee leerlingen per week heb ik niet.
Ik heb dus geen echte praktijk als leraar.

Wel, deze pagina Muziek is een beetje langer geworden dan ik van plan was.
Al schrijvende werd het alsmaar meer.
Mocht je ergens op willen reageren, je bent welkom, dan kan dat via het Gastenboek.
Groetjes,